Specialist Ouderengeneeskunde

oude dame in de zon

Ouderengeneeskunde is leuk en boeiend. Je werkt in een multidisciplinair team, je bouwt langdurige contacten op met patiënten en hun familie. Het is enorm breed. Het ene moment ontsla je iemand na een revalidatietraject bij een CVA, het andere moment kun je iets betekenen in de laatste fase van iemands leven. Een fase gekenmerkt door kwetsbaarheid en afhankelijkheid. Om dan het verschil te maken, dat is de kunst.

Het vak ouderengeneeskunde is niet iedereen gegeven en is zeker niet makkelijk. Zoals een specialist ouderengeneeskunde hartkloppingen krijgt bij de gedachte in een operatiekamer te moeten staan, zo zal een chirurg moeite hebben om zich staande te houden op een PG afdeling. Hoewel je vaak andere geluiden hoort, is het ene vak niet beter of belangrijker dan het andere. Wie anders beweert, nodig ik graag uit om een dag mee te lopen en zelf de dynamiek van ons vak te ervaren.

Ouderengeneeskunde kenmerkt zich door de brede blik, het oog voor de cliënt en diens omgeving. Het is bij uitstek een vak van doen en laten. Een belangrijke vraag binnen ons vak is: moet alles wat kan?

Oudere DameAls specialist ouderengeneeskunde krijg je te maken met veel ethische vraagstukken, zoals palliatieve sedatie, euthanasie en wel of niet ingrijpen bij vergevorderde ziektebeelden. Ook ben je betrokken bij complexe vraagstukken, zoals probleemgedrag bij dementie, multimorbiditeit en polyfarmacie.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, heb je als specialist ouderengeneeskunde niet alleen met ouderen van doen. Ook jongeren kunnen chronisch ziek worden en intensieve zorg en behandeling nodig hebben. Denk bijvoorbeeld aan ziekten als MS, Parkinson en hersenletsel door een trauma. Ons vak wordt daarom ook wel omschreven als het specialisme voor kwetsbare ouderen én chronisch zieken.

Ouderengeneeskunde is niet beperkt tot het verpleeghuis, het vak gaat meer en meer naar de eerste lijn. Specialisten ouderengeneeskunde komen bij mensen thuis om te adviseren in zorg en behandeling, werken samen met huisartsen in het verzorgingshuis en draaien soms spreekuur in een huisartspraktijk. Geen enkele dag is hetzelfde.

Binnen de ouderengeneeskunde kun je verder specialiseren in de palliatieve zorg (hospice), revalidatiegeneeskunde en de psychogeriatrie. Hiervoor zijn aparte kaderopleidingen ingericht, die je kunt volgen na je specialisatie tot ouderengeneeskundige. Er zijn dus voldoende mogelijkheden om te groeien en jezelf te profileren. Ook wetenschappelijk onderzoek en promotie-onderzoek behoort tot de mogelijkheden. Indutten is er dus zeker niet bij.

Het vak ouderengeneeskunde is voortdurend in ontwikkeling. Er staan ons nog vele nieuwe uitdagingen te wachten, niet in de laatste plaats door de grote stijging van het aantal ouderen met een chronische ziekte (met name dementie) dat ons in de nabij toekomst te wachten staat. Het vak heeft behoefte aan jonge artsen die deze uitdaging aan durven gaan, enthousiast zijn voor het vak en zich niet bekommeren om de mening van een academische prof!

**********

Waarom specialist ouderengeneeskunde bij de Zorgboog?

Het officiële promo-praatje:

Zorgboog

De Zorgboog is een regionale organisatie voor verpleging, verzorging en wonen in de regio Helmond. Jong en oud kan bij De Zorgboog terecht voor onder andere prenatale zorg, kraamzorg, jeugdgezondheidszorg, voedings- en dieetvoorlichting, wonen met zorg, revalidatie, verzorging, verpleging en terminale zorg. De organisatie werkt vanuit een regionaal kantoor, diverse verpleeghuizen, Zorgboogcentra, thuiszorgwinkels, wijkgebouwen en consultatiebureaus.

De wereld van de Zorgboog is veelzijdig en verrassend compleet. Als professionele zorgonderneming bieden wij een waaier aan producten, diensten en expertise voor zowel wonen, welzijn als zorg. Deskundigheid, betrokkenheid en innovatie van alle medewerkers vormen de belangrijkste kenmerken van onze organisatie. Wij doen samen net dát stapje extra.

In 2009 scoorden onze medewerkers naar aanleiding van het ‘cliënttevredenheidsonderzoek’ een 8,5 (zowel intra- als extramuraal). De client tevredenheid wordt voor een belangrijk gedeelte bepaald door onze medewerkers. De Zorgboog is dan ook erg trots met haar bijna 2800 medewerkers en bijna 1000 vrijwilligers.

De medewerkers van de Zorgboog staan 24 uur per dag klaar voor de clienten, wij willen dat deze medewerkers met een fijn, professioneel, warm en gedreven gevoel komen werken. De Zorgboog doet hier haar best voor, door bijvoorbeeld medewerkers de mogelijkheid te geven zich te ontplooien en uit te dagen om met nieuwe initiatieven te komen. De Zorgboog biedt een boeiende werkplek waar hard en met hart wordt gewerkt. Het management vindt het belangrijk dat jij als medewerker  met vertrouwen, humor, persoonlijke aandacht wordt benaderd en door  inspirerend gedrag wordt gestimuleerd.

Bron: www.zorgboog.nl

Zorgboog 4 Generations

Het onofficiële promo-praatje:

Waarom werk ik graag als specialist ouderengeneeskunde bij de Zorgboog?

Tien redenen:

– met stip op één: het medisch secretariaat. Het is een zaligheid om een goedlopend medisch secretariaat ter beschikking te hebben dat alle telefoontjes aanneemt, je agenda beheert, ondersteunt bij alles wat je kunt bedenken en bovendien ook nog eens doktersassistente taken uitvoert, zoals bloedprikken, ECGs maken en jawel: oren uitspuiten!

– een goede tweede: de intensieve samenwerking met de psychologen. De zorgboog heeft psychologische ondersteuning hoog in het vaandel staan en dus een grote psychologen formatie. En dat is juist weer zeer prettig in het dagelijkse werk als specialist ouderengeneeskunde. Het is prettig sparren met de psychologen over een veelheid aan problematiek, variërend van gedragsproblemen bij PG tot cognitieve screening bij revalidatie. Vaste prik op iedere afdeling is het kernteam, een vast overleg tussen arts, psycholoog, verzorging en afdelingshoofd bedoeld om probleemsituaties te bespreken en samen te zoeken naar een oplossing.

– op drie: de  24 uurs-diensten zijn professioneel geregeld met een 0800 doorschakelnummer (zodat je altijd bij de juiste arts terecht komt) en een verpleegkundige achterwacht in de avond/nacht, wat enorm veel scheelt in de werkdruk.

– op vier: de ICT ondersteuning. Alle artsen, nurse practitioners en psychologen hebben een netbook ter beschikking en hebben dus overal toegang tot internet/email/agenda en naslagwerken. Zoals elders op deze website ook is te lezen (zie onderdeel Gadgets), maakt dit het werk enorm veel efficiënter.

– op vijf: de prettige werksfeer binnen de organisatie, of het nu op de afdeling is, binnen het team van collega’s, binnen een locatie of in de hogere regionen van de organisatie. De fijne sfeer maakt dat je al snel wordt gegrepen door het zogenaamde ‘Zorgbooggevoel’. De saamhorigheid is groot. Je voelt je snel betrokken en zeer welkom.

– op zes: de goede ondersteuning in het voldoen aan je accreditatie. Alle artsen krijgen standaard een jaarabonnement op CME-online, waarmee je al 20 accreditatiepunten kunt halen. Toetsing is intern georganiseerd, onder werktijd! Daarnaast is er de mogelijkheid tot het bijwonen van congressen of symposia.

– op zeven: de mogelijkheden tot verdere ontwikkeling. De Zorgboog biedt specialisten ouderengeneeskunde de mogelijkheid om een verdere opleiding te volgen, zoals de kaderopleiding psychogeriatrie, de kaderopleiding revalidatie en de kaderopleiding palliatieve zorg. Ook andere (bij)scholing is mogelijk, bijvoorbeeld een cursus ethiek of de basiscursus palliatieve zorg. Intern worden er ook cursussen verzorgd. Denk bijvoorbeeld aan cursussen verzorgd door de psychologen op gebied van belevingsgerichte benadering en omgaan met agressie.

– op acht: de  nurse practitioners. De Zorgboog gaat mee met de tijd en nieuwe ontwikkelingen en leidt op dit moment twee nurse practitioners op die de artsen ondersteunen bij hun werk door afdelingstaken over te nemen. Bovendien houden de NPs ons scherp en alert. Het medisch team is daarmee veelzijdig en multidisciplinair.

– op negen: de veelzijdige organisatie. De Zorgboog heeft veel verschillende expertises en afdelingen, zoals revalidatie, psychogeriatrie, somatiek, palliatieve zorg (inclusief een hospice), een transferafdeling in het ziekenhuis, een PG transfer- en revalidatie afdeling, kleinschalig wonen PG, dagbehandeling PG en somatiek, NAH, een afdeling met jongeren en verschillende eerstelijnsprojecten.

– op tien: wetenschappelijk onderzoek is al sinds jaar en dag belangrijk bij de Zorgboog. De organisatie is lid van het UKON en heeft een eigen wetenschapscommissie. Er lopen verschillende onderzoeken op de afdelingen, zowel intra- als extramuraal. Er is ook gelegenheid om zelf wetenschappelijk onderzoek te doen.

……. ik kom niet uit met tien, dus nog wat extra punten……

[ – op elf: de fijne samenwerking met de paramedische disciplines met korte lijnen en heel veel expertise, waar je als arts ook nog van kunt leren.]

[- op twaalf: de prettige manier waarop visites zijn georganiseerd, op vaste momenten in een wekelijkse of tweewekelijkse cyclus. Teamleiders werken mee in de zorg, sturen het team aan en zijn een vast aanspreekpunt. Alle teamleiders worden op dit moment bovendien omgeschoold tot verpleegkundige. De afdelingshoofden, op hun beurt, zijn goed bereikbaar, denken en werken mee om samen tot een oplossing te komen. Als arts is het prettig onderdeel te zijn van deze geoliede machine].

[- op dertien: de mooie werkomgeving van de Peel!]

**********

Enkele specialisten ouderengeneeskunde van de Zorgboog aan het woord.

Lea

In november 1972 maakte ik tijdens mijn keuzeco-schap sociale geneeskunde kennis met wat toen het verpleegtehuis heette. Nog vóór mijn afstuderen in december daarop, maakte ik de bewuste keuze om als verpleeghuisarts te gaan werken. Tijdens mijn opleiding was het verpleeghuis totaal niet aan de orde geweest.

Ik kwam terecht  bij een enthousiast artsenteam van de afdeling geriatrie van de GG en GD te Amsterdam en werd geplaatst in één van de vele verpleeghuizen in Amsterdam, onder de bezielende leiding van het toenmalige hoofd van de afdeling geriatrie.

Er heerste een ware pioniersgeest, het verpleeghuis stond in de schaduw van de samenleving, vele ontwikkelingen begonnen toen: reactivering in het verpleeghuis, verbetering van leefklimaat, aandacht voor specifieke geriatrische problematiek, er kwamen cursussen voor verpleegkundigen en verpleeghuisartsen, kortom het beleid werd gericht op: “toevoegen van leven aan de jaren”.

Wat mij toen aantrok in het verpleeghuis en wat voor mijn gevoel absoluut niet is veranderd, was de teamgeest, het samenwerken  met verschillende disciplines voor de patiënt, het knokken voor een bewoner, de inzet van alle disciplines en de behandeling gericht op de gehele patiënt, dus op lichamelijk, geestelijk en sociaal gebied, de verwondering en blijdschap bij soms kleine, maar belangrijke stapjes vooruit.

Iets anders wat in die tijd belangrijk voor mijn keuze was, maar wat je niet zo uitsprak, was het feit dat iemand in het verpleeghuis “mocht” sterven. Palliatief beleid werd uitgevoerd, maar werd nog niet zo genoemd. Tijdens mijn opleiding was doodgaan van een patiënt een negatieve uitkomst van een behandeling. Er was daarna wel een analyse van het falen van de behandeling en de overlijdensdiagnose, maar geen aandacht voor het stervensproces van de betrokkene.

Van 1999 tot 2004 heb ik mijn vak gecombineerd met het vak consultatiebureau-arts, geboorte en dood, heel dicht bij elkaar. Een prachtige combinatie, maar door organisatorische problemen niet vol te houden.  Ik maakte opnieuw de keuze voor verpleeghuisarts en heb nooit meer een impuls gehad om te veranderen en voel die ook nu niet. Het vak heeft zich meer wetenschappelijk ontwikkeld en is meer en meer in de schijnwerper komen te staan en het wordt nu ook buiten de muren van het verpleeghuis uitgeoefend.

Ik werk nog steeds als verpleeghuisarts, ben de 60 ver gepasseerd.

Het is een wijze van leven voor mij geworden, ik heb een schat aan ervaringen, die ik in kan zetten voor mijn vak. Ik zou nog steeds niet weten welk ander vak ik zou hebben gekozen als dit het niet was geworden.

Hier vertelt Lea over haar rol bij de GGZ ouderen.

Rini

“Kijk, niemand kiest ervoor in een verpleeghuis te wonen. Mensen verblijven in een verpleeghuis omdat ze verschillende aandoeningen hebben. Hierdoor kunnen ze niet meer thuis wonen; die mensen hebben gewoonweg teveel zorg nodig.” Een specialist ouderengeneeskunde (voorheen verpleeghuisarts genoemd) levert, in een team, medische zorg aan cliënten. Actuele vakkennis is dan ook van wezenlijk belang. Rini werkt intensief samen met andere specialisten zoals psychologen, fysio-  en ergotherapeuten, logopedisten, geestelijk verzorgers, een diëtist en verzorgenden. Maar ook met een kapper en een pedicure. “Het is heel belangrijk om samen de levenskwaliteit van de cliënt zo hoog mogelijk te houden. Ik ben blij van nut te zijn in dit traject. Ik wil ertoe doen op een ondersteunende manier!”

“Ik ben in mijn werk sterk afhankelijk van de ogen en oren van de verzorgden.” Rini moet hen aansturen. Ze heeft hier in het begin wel aan moeten wennen. “Wat me erg opviel was dat verzorgenden af en toe erg opkijken tegen een arts. Je moet dus goed opletten hoe je dingen brengt en uitlegt, en hoe je feedback geeft. Want de manier van samenwerken heeft veel invloed op de verzorging van iemand.”  Daarnaast zijn er natuurlijk ook veel contacten met de cliënt en betrokkenen én met het systeem erom heen. Niet iedereen heeft dezelfde behoeften als de cliënt maar je wil hier wel samen uitkomen. Deze combinaties maken de zorgverlening juist sterk.

Naast samenwerking en vakkennis zijn uiteraard je sociale vaardigheden van belang. Het is erg belangrijk dat je elke keer weer navraagt wat de wensen en behoeften van de cliënt zijn. “Iedereen heeft andere waarden en normen. Ik probeer dan ook steeds te kijken of wat ik als specialist gehoord heb, dat is wat de cliënt bedoelt. En dan halen we de verschillende specialismen weer bij elkaar: wat kunnen we nog verbeteren?  En dan weer terug naar de cliënt: “wil je dat of niet?”.

“De contacten met cliënten en patiënten, het samenwerken met bijvoorbeeld dementerenden, maken mijn werk fantastisch.  Deze mensen zijn soms net als kinderen;  zo ontvankelijk en vol bewondering. Als ik tijdens mijn onderzoek contact maak en ik krijg bij vertrek een kus op mijn wang, is mijn dag weer goed. Dat zijn de cadeautjes op een dag; de waardering die je krijgt van je cliënten!”

In het vakgebied wordt duidelijk gesteld dat er een belangrijke meerwaarde zit in het meer samenwerken met huisartsen. Nederland vergrijst enorm en uiteindelijk kunnen we de zorg alleen niet meer aan. Als we meer samenwerken met huisartsen en op die manier de knowhow in de eerstelijnszorg verhogen, kunnen mensen in de toekomst misschien langer thuis blijven wonen. In hun eigen omgeving met meer privacy. Dat is een groot voordeel. Dit loopt heus niet direct perfect maar als we de ruimte krijgen om te leren, kunnen we samen de zorg verbeteren. “Het is hierin wel nodig dat het management en je collega’s je scherp houden en steunen. Het samen zoeken naar een efficiëntere manier van zorgen, maakt het vak nog leuker.”

Joyce

Om even wat feiten op een rijtje te zetten: In oktober 1999 in dienst gekomen bij de Zorgboog en daarmee sta ik op de tweede plaats van langst in dienst! Natuurlijk op grote en respectvolle afstand van Frans. Daarvoor nog 1 jaar in Elburg gewerkt met veel plezier maar er stroomde toch teveel Brabants bloed door de aderen. Mijn opleiding heb ik gevolgd in de Watersteeg te Veghel (nu Brabantzorg) en in Nijmegen.
Mijn interesse voor het vak ligt bij de PG juist omdat deze groep cliënten zo heel kwetsbaar is. Ik vind het fijn om in het allerlaatste stukje van iemands leven nog even te mogen meelopen en veiligheid en geborgenheid te kunnen bieden vanuit mijn expertise samen met het hele behandel/verzorgend team, maar ook de naasten. Voor deze laatste groep is het vaak een heel intensief en vaak onbekend stuk en hen dan goed begeleiden geeft mij veel voldoening.
Op dit moment heb ik een chronisch somatische afdeling onder mijn hoede en ook daar speelt kwetsbaarheid een grote rol. De impact die dat heeft op mensen en met name hun afhankelijkheid raakt mij altijd weer en is mijn drijfveer om dit vak te beoefenen en maakt het ook telkens weer boeiend.

Mijn lijfspreuk is dan ook: Artsen bedrijven de geneeskunde maar specialisten ouderengeneeskunde moeten daarnaast ook de geneeskunst goed beheersen!

Ik woon samen en wij hebben 2 kleine kinderen (3-7) een hond en een kat. Naast mijn werk, huishouden en zorgen voor het gezin blijft er op dit moment weinig tijd over voor hobby’s zoals lezen, dansen, keyboard spelen. Ik hoop als de jongste naar school gaat daar weer wat vaker tijd voor te hebben.
Ik hoop dat bovenstaand stukje als inspiratie kan dienen voor een ieder die dit mooie vak beter wil leren kennen, maar ook als je als specialist ouderengeneeskunde deel zou willen uitmaken van ons dream team.

Marianne

Vanmorgen geschouwd, een goed verlopen traject van palliatieve sedatie. Nadien visite gelopen; longen geluisterd bij een COPD patient en bij een patient bekend met hartfalen, een decubituswond bij een bedlegerige vrouw beoordeeld en verder gesproken over moeilijk gedrag van een patient waarbij de psycholoog wordt ingeschakeld. ’s Middags een multidisciplinair overleg waarbij het zorg-leefplan van een aantal bewoners wordt aangescherpt.

Dat zijn zaken waar ik me tijdens een werkdag mee bezig houd. Gevarieerd en in samenwerking met veel collega’s; verzorgenden, nurse-practioners, paramedici en psycholoog zorgen we voor een goed leefklimaat voor onze mensen in het verpleeghuis. Verder zijn er in de werkweek ook diverse overlegvormen voor organisatorische/medisch inhoudelijke zaken gepland.

Bij de Zorgboog is het goed toeven; vanaf 1999 heb ik gewerkt als consultatiebureau-arts in Laarbeek en Helmond en ik kon daarna de overstap maken naar het verpleeghuis. In 2009 heb ik de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde afgerond.

Nu ben ik bezig met de kaderopleiding palliatieve zorg; een twee jarige opleiding waarin veel wetenschappelijke praatjes, opdrachten en casuistiek wordt gedeeld met collega-huisartsen, specialist ouderen en een enkele klinisch geriater, GGZ-arts en AVG-arts.

Ik werk op het Hospice in Aarle-Rixtel en op een chronisch somatische- en een revalidatie afdeling, gevarieerd genoeg. Wat mij trekt bij De Zorgboog is het feit dat ik dagelijks zie dat cliënten met respect en zorgzaam worden benaderd, zoals ik dat zelf ook zou willen als ik in zorg afhankelijk van anderen zou zijn. Zoals Lea elders schrijft zie je dat zo betekenisvolle ontmoetingen “gebeuren” voor medewerkers en cliënten, voor mensen dus. Verder heb ik leuke collega’s waarmee ik ook kan lunchen of even kletsen en zijn allerlei zaken goed georganiseerd, waardoor kwaliteit op allerlei nivo is gewaarborgd. En we blijven meepraten over welke kwaliteit we gezamenlijk willen leveren en hoe we dit georganiseerd krijgen. Niet zonder wrijven, maar wrijving geeft glans!

Thuis ben ik echtgenote en moeder van drie pubers en hebben we een grote hond van vijf jaar, een Newfoundlander uit het asiel, hij verandert nog steeds ( ten goede) in zijn gedrag. Verder zwem ik graag en zing hard (in de auto) en ben ik lid van de plaatselijke carnavalsvereniging. Ook zit ik graag met een boek op de bank.

Hier vertelt Marianne over de kaderopleiding palliatieve zorg.

Frans

Ik werk sinds december 1981 bij wat toen nog de Stichting Verpleeghuizen Gewest Helmond (SVGH) heette. Alle patiëntenzorg was aanvankelijk gelocaliseerd in Bakel. Het santoriumverleden was in Sint Jozefsheil nog tastbaar aanwezig: lange paviljoens met 4-persoonspatiëntenkamers aan één zijde, een eigen röntgenkamer onder beheer van Christien Hillekens, oud-geneesheer directeur dr Mulder die voor ons de X-foto’s beoordeelde en 3 afdelingen met een eerwaarde zuster als hoofd, zr Felicia, zr Getrudis en zr Christa. Omdat ik in de geestelijkgehandicaptenzorg gewerkt had, werd mij o.a. de kinderafdeling met 12 dubbelgehandicapte kinderen toebedeeld. In de jaren daarna werden deze kinderen uitgeplaatst.

Soms denk ik terug aan de artsenclub uit mijn beginjaren: Tonnie van Kan, Hans van den Bosch, Francis Tan, Jan Lavrijsen en ik. Een mengeling van sprinters en diesels, samen sterk. Wij voerden heftige discussies over euthanasie, de zin van medisch handelen bij coma en de rolverdeling van arts en familie daarbij. In onze oerkatholieke stichting werd het euthanasie-nee-beleid door ons omgezet naar een volmondig ja. Maar er was ook plaats voor ander zaken. Een humoristisch afscheidssymposium voor onze consulent-dermatoloog Martino Neumann en videoproducties ter ere van het 35-jarig bestaan van Sint Jozefsheil (SVGHaha) en het 25 jarig jubileum van onze helaas te vroeg overleden secretaresse Ger van Stekelenburg.

De laatste jaren zijn voor mij turbulent verlopen. Het begin was goed, met de kans die ik in 2005 kreeg om wetenschappelijk onderzoek te doen met als doel te promoveren. In september 2007 moest ik tijdelijk afhaken vanwege een burn out. Na enkele maanden heb ik geprobeerd de draad op te pakken, maar in mei 2008 moest ik het onderzoek definitief overdragen aan Monica Spruit en  Bianca Buijck. GRAMPS is bij hen in goede handen. Zie ook bij ‘onderzoek‘ en www.gramps.nl.

Eind 2008 heb ik langzaam de patiëntenzorg weer opgepakt. Toen dook ik begin 2009 in de Zorgboogcrisis. Een woelige tijd met veel emoties. Bij ons artsen is het teamgevoel in die tijd versterkt, wij waren vastbesloten en bleven bij elkaar. Voor mijzelf was het verrassend te ontdekken welke overtuiging vrijkomt als een kern bij mij geraakt wordt. De crisis heeft tot positieve veranderingen geleid binnen de Zorgboog. Helaas hebben wij als team klappen moeten incasseren. Het is voor mij een heftige maar leerzame tijd geweest.

Hardlopen is altijd mijn passie geweest. In 1982 ben ik lid geworden van de Lopers Groep Deurne. Daar heb ik deurnes leren verstaan, hetgeen mij nog dagelijks van pas komt in de patëntenzorg. Ik ben trots op mijn halve marathontijd uit 1986 van 1 uur 28’00”. Voor mijn zoon een mooie richttijd. Het lopen heb ik teruggebracht tot 2 x per week 4 km.

Sinds 2000 is film mijn nieuwe hobby. Tot voor kort was ik lid de programmacommissie van De Nacht van het Witte Doek, www.nachtvanhetwittedoek.nl. Vanaf 2005 vertonen wij als Filmliga Het Witte Doek maandelijks een film in Deurne, aanvankelijk in het Gerardushuis, tegenwoordig in het Cultuurcentrum, zie onder filmliga op www.ccdeurne.nl/programma/cinema-deurne.

Frans verzorgt de inhoud van de rubriek Cinema.

Lonneke

Net de dertig gepasseerd en dan al specialist ouderengeneeskunde! Ik krijg vaak de vraag waarom ik voor dit vak gekozen heb en dan ook nog direct na de geneeskunde opleiding. Voor mij combineert het specialisme ouderengeneeskunde alles wat leuk is aan de geneeskunde: langdurig contact met patiënten en werken in een multidisciplinair team. Als webmaster is deze hele website in feite een ‘testimonial‘ van mijn passie voor het vak.

Ik ben bij de Zorgboog gaan werken na mijn opleiding tot specialist ouderengeneeskunde. Ik kwam binnen in een roerige periode en het is veelzeggend dat ik desondanks ben gebleven en hier nooit spijt van heb gehad.

Mijn hart ligt bij psychogeriatrie. Na mijn opleiding tot SO ben ik verder gerold in de opleiding tot kaderarts psychogeriatrie en op dit moment combineer ik mijn werk als arts met een promotie-traject.

In mijn vrije tijd volg ik het tennis (met name de WTA) op de voet en geniet ik van lezen (veelal op mijn ereader), tuinieren en mijn huisdieren. Als IT-nerd vervul ik tevens regelmatig de rol van IT-helpdesk, zowel binnen als buiten de vakgroep. Tot slot ben ik zeer geïnteresseerd in medische geschiedenis en heb ik intussen een aardige verzameling aan antieke medische curiosa opgebouwd.

In de rubriek Historia Medicinae beschrijft Lonneke enkele wetenswaardigheden uit de medische geschiedenis.

**********

Er zit muziek in de specialist ouderengeneeskunde!

Voor de regiodag van 13 april 2010 heeft Frans onderzoek gedaan naar de muziek in de SO. Zie hieronder het resultaat.

Muziek in de SOG

Een wetenschappelijk verantwoorde zoektocht naar de muziek in de ouderengeneeskunde.

Door: Frans Voncken

Bekijk de volledige presentatie hier: Muziek in de SOG!

Muziek in de SO, achterzijde

Playlist:

1. Elvis Presley – Baby I don’t care

2. The Beatles – Doctor Robert

3. The Rolling Stones – Dear Doctor

4. The Doobie Brothers – The Doctor

5. Robert Palmer – Bad Case of Loving You (Doctor, Doctor)

6. Alan Parsons Project – Old and Wise

7. Dixie Chicks – I’ll Take Care Of You

8. The Pogues – Dirty Old Town

9. Bruce Springsteen – Old Dan Tucker

10. John Fogerty – I Don’t Care

11. John Mayer – I Don’t Need No Doctor

12. Mick Jagger – Old Habits Die Hard

13. The Traveling Wilbury’s – Handle With Care

14. Nina Simone – My Baby Just Cares For Me

15. Alanis Morissette – Not The Doctor

16. Phil Collins – I Don’t Care Anymore

17. Jamie Cullum – Old Devil Moon

18. John Legend – PDA (We Just Don’t Care)

19. Placebo – You Don’t Care About Us

20. Copeland – Take Care

Bonus Track:

21. Pearl Jam – Elderly Woman Behind The Counter In A Small Town

Lees en Luister: Pearl Jam!